Op weg naar de fusie - Herindelingen volgen elkaar sneller op

Herindelingen volgen elkaar sneller op

Het aantal gemeenten in Nederland is de afgelopen twee eeuwen door diverse gemeentelijke herindelingen en gemeentegrenswijzigingen fors afgenomen.
In 1817, de vroege periode van het Koninkrijk der Nederlanden, telde ons land 1.236 gemeenten op het huidige Nederlandse grondgebied (tot 1830 maakten ook België en Luxemburg deel uit van het koninkrijk). In 2008 zijn er in Nederland minder dan 450 gemeenten over.


Terugloop aantal gemeenten in Nederland



















Na de Eerste Wereldoorlog vond er een stroom van herindelingen plaats. Men vond dat de verwezenlijking van bepaalde voorzieningen alleen bereikt kon worden door aanpassing van de gemeentegrenzen. De gemeentelijke indeling moest, zo stelde men, niet gericht zijn op het historisch gegroeide, maar zo doelmatig mogelijk. Het aantal gemeenten nam in de periode tussen de wereldoorlogen met ruim 50 af.

De volgende belangrijke periode voor de gemeentelijke herindelingen werd in gang gezet met de Tweede Nota over de Ruimtelijke Ordening in 1966. Hierin werd gestreefd naar een ´aan de schaal van de ruimtelijke ordening aangepaste bestuurlijke organisatie´. Onder invloed van de versnelling van het verstedelijkingsproces van Nederland stond de gemeente zelf niet langer in het centrum van de belangstelling. Het accent lag op de ruimtelijke ordening en de problematiek van de grote gemeenten, de grensoverschrijdende stedelijke agglomeraties en de gewesten. Dit leidde tot streeksgewijze herindelingen in Zeeland en Zuid-Holland in de jaren zestig en in de jaren zeventig in onder andere Noord-West-Overijssel, het Land van Heusden en Altena en de Zaanstreek. Het aantal gemeenten daalde in de jaren zestig en zeventig met ruim 70.

Een steeds groter deel van de Nederlandse bevolking woont dan ook in grotere gemeenten. In 1900 woonde ruim een derde van de bevolking in gemeenten met minder dan 5.000 inwoners. In 2005 geldt dat voor nog slechts 0,2 procent van de bevolking. Het gemiddelde inwonertal per gemeente nam in de periode 1811-2005 toe van 2.000 tot 34.887.

Momenteel zijn er geen gemeenten met minder dan 1.000 inwoners over. Per 1 januari 1991 werd Katwoude, de laatste gemeente met minder dan 500 inwoners (230 om precies te zijn), samengevoegd met onder andere Broek in Waterland, Marken en Monnickendam in de nieuwe gemeente Waterland. De kleinste gemeente in 2005 was Schiermonnikoog met 1.002 inwoners.


(Uit: Twee eeuwen gemeentelijke herindelingen in Nederland, 2005 van Peter Ekamper)